Ga naar: navigatie, zoeken

Huisgeld

huisgeld noemt men de categorie geld die een zeer beperkt circulatiegebied heeft en die niet de status van wettig betaalmiddel bezit. Huisgeld bestaat uit zgn. huismunten (tokens) of bonnen en wordt gebruikt aan boord van schepen (boordgeld), op plantages (plantagegeld), in kampen (kampgeld) of in bedrijven (kantinegeld), psychiatrische ziekenhuizen en andere instellingen; bordeelpenning, tempelgeld.

Bijzondere instituten die huismunten gebruikten, voornamelijk om het kopen van ongewenste artikelen (zoals alcohol) te beletten, waren in de vorige eeuw de (dwang)kolonies van de Maatschappij van Weldadigheid (1822-1859). Ook in een aantal Nederlandse gevangenissen werd van 1824-1861 huisgeld gebruikt, het zgn. gevangenisgeld. Het Werkhuis te Amsterdam beschikte eveneens van 1824-1837 over eigen huisgeld.

In België werd in diverse gestichten huisgeld gebruikt. Gevangenisgeld is uitgegeven te Flemalle-Grande, Hoogstraten, Merksplas, Rijkevorsel en Wortel.

G.

Lit.:

Boegheim, L.M.J., Gevangenisgeld, De Beeldenaar (1993) 424-428.; Schulman, J., Handboek van de Nederlandse munten, Amsterdam 1975, 115-124, met lit. opg.



  • Nederland, Amsterdam, werkhuis, 50 cent, 1824, tin, op kz. inst. VG.
  • Huisgeld kantinegeld.jpg