Ga naar: navigatie, zoeken

Gelaagde metalen

gelaagde metalen, zijn opgebouwd uit twee of meer lagen van verschillende metalen. Dergelijke metalen worden tegenwoordig vaak voor munten gebruikt. In het Duits spreekt men dan over "gefutterte Münzen". Het plaatmateriaal waaruit de munt gemaakt is, noemt men "Mehrschichtenwerkstoff'. In het Engels wordt de term "sandwich coins" gebruikt, terwijl het plaatmateriaal "clad metal" heet.

Ook "plated metal" wordt wel gebruikt, wat men in het Nederlands meestal vertaalt met geplateerde (of geplatteerde) metalen. Plateren betekent echter het (warm) opwalsen van lagen, terwijl gelaagde metalen ook gevormd kunnen worden door het langs galvanische weg aanbrengen van lagen.

Al in de oudheid werden deklagen aangebracht. Bekend geworden zijn vooral de tetradrachmen van Athene, geslagen na de nederlaag van de stad in de Peloponnesische oorlog in 404 voor Chr. Het betrof hier een soort noodmunten (noodgeld), omdat de zilvertoevoer naar de stad verstoord was. Er werden toen tot 393 v. Chr. tetradrachmen geslagen door een koperen kern voor het slaan te omhullen met een laagje zilver. Na 393 v. Chr. was de welvaart zodanig hersteld dat weer zilveren tetradrachmen geslagen werden en de noodmunten konden worden ingetrokken.

Ook werden in de oudheid en middeleeuwen "geplateerde" kopieën gemaakt met het doel ze als echt uit te geven. Later zijn ook geplateerde kopieën gemaakt van het Engelse "piece of eight", de sovereign en de Amerikaanse "half eagle".

In de 20e eeuw worden vooral na de Tweede Wereldoorlog veel gelaagde metalen toegepast. Nu munten met geringe intrinsieke waarde in de omloop geaccepteerd zijn, zoekt men naar een buitenlaag die slijtvast is en die er blijvend aantrekkelijk uitziet. De kern wordt meestal gemaakt van minder edel, maar goed vervormbaar materiaal.

Gezien de lage intrinsieke waarde neemt de kans op vervalsing toe.

Men zoekt daarom naar fabricagemethoden die niet gemakkelijk te imiteren zijn.

Het toenemend gebruik van automaten schept nieuwe problemen; immers automaten selecteren niet op uiterlijk en beeldenaar. Tegenwoordige automaten selecteren niet alleen op gewicht, diameter en dikte, maar ook op magnetische en geleidbaarheidseigenschappen.

Vandaar dat de meeste gelaagde muntmaterialen één of meer lagen van ferromagnetische materialen bevatten zoals ijzer of nikkel. De selectieapparatuur is tegenwoordig zo gevoelig dat afwijkingen van slechts enkele procenten feilloos door automaten geregistreerd worden, waarna de munt wordt geweigerd.

Vroeger werd het galvanisch opbrengen van lagen bij munten niet toegepast, omdat de laag zo dun was dat deze in de omloop te snel afsleet. Tegenwoordig brengt men langs galvanische weg lagen aan die na sinteren tot 20% van de massa uitmaken. Door toepassing van dit proces bij de rondellen, wordt ook de rand van de munt met een laag bedekt. Als voorbeeld noemen we hier de muntserie voor Aruba van 1986 die gemaakt is van "nickel bonded steel". De galvanisch opgebracht nikkellaag wordt gesinterd.

Deze laag vormt ongeveer 16% van de massa. Onder deze laag zit een kern van ongelegeerd staal.

De meeste gelaagde metalen voor munten zijn echter gemaakt door op een metaalplaat aan beide zijden een laag van een andere metaal te walsen. Uit de zo verkregen plaat worden de rondellen gestanst. De eerste zo vervaardigde munten zijn de noodmunten van Gent: de halve, de hele en de twee frank van 1915.

Deze bestaan uit een ijzeren kern waar op de ene zijde een laagje messing en op de andere zijde een laagje koper is gewalst. Een ander bekend voorbeeld: in 1964 stopten de Verenigde Staten door de stijgende zilverprijs met de fabricage van zilveren dimes, kwart, halve en hele dollarstukken. In 1965 begon men dimes en kwart dollars te maken van een koperen kern met daarop gewalst een laagje koper-nikkel. Later volgden de halve en hele dollar .

Door het kiezen van deze methode hielden de munten hun zelfde uiterlijk zodat ze gemakkelijk geaccepteerd werden. Op de rand is de koperen kern echter duidelijk zichtbaar. Omdat koper-nikkel een harde legering is, moeten zwaardere persen gebruikt worden dan voor zilver; bovendien slijten de stempels sneller. Een voordeel is de grotere slijtvastheid van de munten. Het materiaal voor deze geplateerde Amerikaanse munten wordt in de Engelse en Duitse literatuur aangegeven met resp. cupro-nickel clad copper en kupfernickelplattiertes Kupfer.

De meeste gelaagde muntmetalen bestaan uit drie lagen, voor het laatst in omloop zijnde Westduitse tienmarkstuk werden zelfs vijf lagen gebruikt.

K.


  • Gelaagde metalen gent 2 fr 1915.jpg
  • Gelaagde metalen paraguay 100 guaranies 1993.jpg