Ga naar: navigatie, zoeken

Plaatsvervangers

plaatsvervangers, (Eng: replacement (bank)notes) bankbiljetten die worden aangemaakt ter vervanging van biljetten met technische afwijkingen, de zogenaamde defecten. Ze zijn te vergelijken met de bijpas van de muntslag. In veel landen zijn ze herkenbaar aan een apart kenmerk in het serienummer, hetzij door afwijkende serieletters, hetzij door een symbool.

In de Verenigde Staten van Amerika bijvoorbeeld, wordt een sterretje voor het serienummer geplaatst (de zogenaamde starnotes), in België serieletters met een I (die normaal niet wordt gebruikt om verwarring met het cijfer 1 tegen te gaan).

In Nederland waren deze biljetten aanvankelijk niet herkenbaar: ze werden met een handpers speciaal bijgenummerd en kregen hetzelfde nummer als het originele (defecte) biljet. In 1924 werd besloten voor dit doel een aparte serie biljetten te drukken, met serienummers hoger dan 100.000.

Dit is voor het eerst toegepast bij het biljet van ƒ20, model roerganger van 1926. De laatste keer is het gebruikt bij de ƒ 10, model Frans Hals van 1971. De biljetten van zo'n vervangingsserie noemt ook wel invulbiljetten.

G. en Ed van G.

Lit.:

Verkooyen, J.M.H.F.M., Catalogus van de plaatsvervangende biljetten van Nederland, Maastricht 1993.