Ga naar: navigatie, zoeken

Jamaica

Jamaica, 25 cents, 1973, koper-nikkel.

Jamaica, eiland in de Caribische Zee, in 1494 door Columbus ontdekt en in 1509 onder Spaans bestuur gesteld. In 1655 kwam het in Britse handen. Van 1958-1962 maakte het met andere Britse gebieden deel uit van een West-Indische federatie, sinds 1962 is het een onafhankelijke staat binnen het Britse Gemenebest.

Van 1751 tot 1758 werden munten van Spaans-Amerikaanse herkomst voorzien van een klop: in een cirkel de gebloemde letters GR ( = Georgius Rex). In de 19e eeuw waren Britse munten in circulatie, sinds 1880 aangevuld met eigen pasmunt: ¼, ½ en 1 penny met de portretten van de opeenvolgende Britse vorsten. In 1969 werd overgeschakeld op het dollarsysteem, waarbij de vorstenportretten plaats maakten voor onderwerpen uit eigen flora en fauna of voor portretten van belangrijke Jamaicaanse personen. Sinds 1972 is een uitgebreide reeks verzamelaarsmunten in goud en zilver op de markt gebracht.

Sinds 1900 voorzag een aantal met name Canadese banken de circulatie van papiergeld. De shillingwaarden werden van regeringswege in omloop gebracht, vanaf 1940 kwamen daar ook de hogere waarden bij toen de particuliere banken hun emissies moesten staken. Sinds 1960 verzorgt de Bank of Jamaica de uitgifte van bankbiljetten, eerst in shillings en ponden, later in cents en dollars.

W.

Lit.:

Pridmore, F., The coins of the British Commonwealth of Nations, part 3, West Indies, Londen 1965.