Ga naar: navigatie, zoeken

Zegel

Zegel slowakije 50 korun 1993 met zegel.jpg

zegel, evenals handtekening of stempel een waarmerk van echtheid; waarmerken. Zoals zegels oudtijds ordonnantiën waarborgden, is het stempel op munten een waarborg door de overheid dat die munten voldoen aan de wettelijk gestelde eisen. Vandaar dat veel muntstempels hun oorsprong vinden in het vorstelijke zegel.

De belangrijkste zegels met de daarvan afgeleide munttypen zijn:

1. naamzegel (vermeldende de naam of het monogram van de zegelaar), bijvoorbeeld Karolingische munten met naam of monogram van Karel en Lodewijk (Karolingische muntslag);

2. portretzegel (met portret van de keizer), portrettypen van vele vorsten als muntgerechtigde vanaf de oudheid tot heden of, anoniem, van munten van een soeverein college (gewestelijke Staten), bijvoorbeeld de Nederlandse rijksdaalder;

3. troonzegel of majesteitszegel (grootzegel met tronende vorst): gouden schilden;

4. vorstenzegel (met staande vorst): munten met een staande vorst (ridder), zoals Wilhelmusgulden, Hongaarse dukaat, rijksdaalder met "de staande man";

5. ruiterzegel (jachtzegel of ridderzegel met een rijdende vorst): baudekin (cavaliertje), zilveren en gouden rijders e.a.;

6. wapenzegel (tegenzegel of geheimzegel met vorstelijk wapen): munten met een wapen, zoals het schild (dubbele sterling) van Vlaanderen van Margaretha van Constantinopel (ca. 1278), nagevolgd door Jan I van Holland in 1297 en nadien op vele munten uit de Nederlanden. Op de Nederlandse munten werd het rijkswapen tot 1982 op de munten gehandhaafd. Een speciaal soort van dit type is de kroon (wapenschild met opvallende kroon), zie kroon, muntnaam;

7. fantasiezegel (met embleem of tafereel van een belangrijke gebeurtenis): nobel met scheepje ter herinnering aan de zeeslag bij Sluis in 1339.

De wetenschap die zich met zegels bezighoudt, is de zegelkunde; zegelloodje.

G.