Ga naar: navigatie, zoeken

Venezuela

Venezuela, republiek in Zuid-Amerika. Het gebied werd door Columbus op zijn derde reis (1498) ontdekt en voor de Spaanse Kroon in bezit genomen. Verspreide opstanden gaven uiting aan het streven naar onafhankelijkheid dat zou uitgroeien tot een revolutionaire beweging die in 1811 de formele onafhankelijkheid proclameerde, maar nog tot 1821 verzet van Spaanse troepen ondervond. De beweging werd geleid door de "vader des vaderlands" Simón Bolivar. Van 1819-1836 maakte Venezuela deel uit van de republiek Nieuw-Granada, in 1836 werd het een onafhankelijke staat. Na de dood van Bolivar (1830) tot midden 20e eeuw werd het land geplaagd door burgertwisten en interne machtstrijd. Sinds 1958 heeft het een democratisch bestel.

Behoudens enkele zeldzame nooduitgaven uit de periode 1810-1821, werd er tot 1843 niet gemunt. In 1843 en 1852 werden koperen kwart, halve en hele centavostukken uitgegeven: 10 centavos = 1 real, 10 reales = 1 peso, met op vz het portret van de Vrijheid. In 1857 werd een nieuw monetair systeem ingevoerd, dat was gebaseerd op de gouden venezolano, die in waarde overeenkwam met de Franse 5 frank en de zilveren peso van 10 realen (1 peso = 100 centavos). Volgens dit systeem en qua type overeenkomstig de voorgaande koperemissies werden nu kleinere koperen centavos en zilverstukken van ½, 1, 2 en 5 realen geslagen; reaal.

Bij de monetaire hervorming van 1865 werd de munteenheid de venezolano = 100 centavos. Nieuwe munten werden 1873-1877 geslagen, de koper-nikkelen 1 en 2½ centavos met op vz het staatswapen en op kz de waarde binnen een bladerkrans, de zilveren 5, 10, 20 en 50 centavos en 1 venezolano met op vz het portret van Simón Bolivar en op kz het staatswapen en volgens dit laatste type de gouden 5 venezolanos.

Bij de nieuwe munthervorming in 1879 werd de munteenheid de bolivar = 100 centavos. De sinds 1879 uitgegeven reeks, wederom van het bolivar/staatswapentype, bevatte een goudstuk van 20 bolivares en zilverstukken van 1/5, ½, 1, 2 en 5 bolivares. De 1/5 bolivar werd kort na uitgifte ingetrokken en 1894 vervangen door een ¼ bolivar. In 1896 werd de reeks aangevuld met stukken van 5, 10 en I2½ centavos en in 1920 nog met een gouden 10 bolivares. Qua samenstelling en type heeft de aldus opgebouwde reeks geen wijzigingen meer ondergaan, zij het dat de goudstukken eruit zijn verdwenen. In 1965 zijn de zilveren munten vervangen door nikkelen.

Gedurende de tweede helft van de 19e eeuw was rentedragend en nietrentedragend papiergeld in omloop, dat door de verschillende staten, waaruit Venezuela was samengesteld, in circulatie was gebracht. In 1918 werd orde op zaken gesteld en werden de banken verplicht hun bankbiljetten tegen goud of zilver in te wisselen. De Banco de Venezuela werd opgedragen de staatsfinanciën te beheren. In 1941 werd de Banco Central del Venezuela als centrale emissiebank opgericht met het exclusieve recht papiergeld in circulatie te brengen. De biljetten van deze bank worden uitgegeven in de waarden 5, 10, 20, 50, 100 en 500 bolivares.

W.

Lit.:

Franquet, P., Brief history of Venezuelan money: a general introduction, The Numismatist (1958), vol. 71, nr. 12, biz. 1443-1448;

Pardo, M.C. de, Monedas Venezolanas, Caracas 1961.


  • Venezuela 4 reaal 1820.jpg
  • Venezuela 5 bolivares 1973.jpg