Ga naar: navigatie, zoeken

Peru

Peru, republiek in Zuid-Amerika, oorspronkelijk deel uitmakend van een groot Inka-rijk dat zich van Noord-Ecuador tot Centraal-Chili uitstrekte. Het gebied werd in de jaren 1532-1533 door Francisco Pizarro voor de Spanjaarden veroverd. Sinds 1544 vormde het gehele Spaanse gebied in Zuid-Amerika het vicekoninkrijk Peru, maar in 1739 werd het vicekoninkrijk Nieuw-Granada (Colombia, Venezuela en Panama) en in 1776 dat van Rio de la Plata (Argentinië, Uruguay en Paraguay) ervan afgescheiden.

De zilvermijnen in het huidige Bolivia vormden tot de onafhankelijkheid van Bolivia in 1821 nagenoeg de enige bron van inkomsten. Het zilver werd in Potosí, Lima en Cuzco vermunt.

In 1821 verklaarde Peru zich onafhankelijk van Spanje. In de periode 1836-1839 was het land gedeeltelijk verenigd met Bolivia. Peru werd daartoe in twee republieken verdeeld, Noord-Peru dat onafhankelijk bleef en Zuid-Peru dat tot de confederatie met Bolivia toetrad. Interne weerstand en interventie van Chili deden de confederatie in 1839 uiteenvallen, waarna er weer één republiek Peru was.

Aanvankelijk maakte de geldcirculatie in Peru deel uit van het Spaans-koloniale system: 1 peso = 8 reales; 16 pesos = 8 escudos = 1 onza; (real). Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd werden in de jaren 1822 en 1823 koperen noodmunten uitgegeven van ¼ reaal, 1/8 en ¼ peso. In de periode 1836-1839 zijn de munten van Noord- en Zuid-Peru van elkaar te onderscheiden door de resp. opschriften REPUBLICA NOR PERUANA en REPUBLICA SUD PERUANA.

In de overgangsperiode naar het decimale stelsel, die duurde van 1858 tot 1863, was de peso zowel in 8 reales als in 100 centavos verdeeld. In 1863 werd het decimale systeem volledig ingevoerd: 100 centavos = 1 sol (mv. soles); 10 soles = 1 libra.

De republiek begon in 1879 met de uitgifte van papiergeld, in 1922 overgenomen door de Banco (Central) de Reserva del Peru. Bovendien heeft in de periode 1914-1921 nog een aantal banken en junta's papiergeld uitgegeven. Door de inflatie is de sol in 1986 vervangen door de inti (1000 soles = 1 inti) van 100 centimos, waarna de inti in 1991 weer vervangen is door de nuevo sol (1000 inti = 1 nuevo sol), eveneens onderverdeeld in 100 centimos.

W.

Lit.:

Beresiner, Y.L., en E.C. Dargent, Catalogue of the paper money of Colombia and Peru, Londen 1973.

  • Peru onza 1840 ex Lombokschat.jpg
  • Peru peso 1831.jpg