Ga naar: navigatie, zoeken

Nerviërs

Nerviërs, (Lat.: Nervii), Keltisch volk behorende tot de Belgen, dat in de 1e eeuw v. Chr. ten oosten van de Schelde woonde (Keltische muntslag).

Door de Gallische Oorlog, die in de winter van 58/57 v. Chr. Begon en eindigde in 51 v. Chr., sloot een aantal Belgische stammen zich aaneen om zich tegen het naderende leger van Caesar te verzetten. In dit kader vond ook gezamenlijke muntslag plaats, waarbij de Nerviërs voor het eerst munten sloegen, gouden staters, die net als die van andere stammen in het verbond, afgeleid waren van de staters van de Ambiani die leefden rond Amiens.

Op de vz bevindt zich het zogenaamde epsilonmotief en op de kz het "Belgische" paard. De laatste Nervische staters uit de periode van de Gallische Oorlog vertonen meer Romeinse invloed en dragen het opschrift VIROS in Romeinse letters.

Volgens schattingen van Scheers bedroeg de totale omvang van de Nervische muntslag zo'n 500 kg goud, veel in vergelijking met de productie van bijvoorbeeld de Eburonen, maar zeer weinig in vergelijking met die van de Treviri en Ambiani, waarvan de productie in de orde van grootte van zo'n 8.000 kg moet zijn geweest.

Na de overwinning van Caesar verdween veel van dit goud als buit naar Rome. Tijdens de Romeinse overheersing daarna was er nog een beperkte muntproductie, geslagen en gegoten in brons (de gegoten exemplaren wordenpotins genoemd), waarvan vooral de geslagen bronzen munten in het gebied van de Nerviërs zijn teruggevonden. Men neemt aan dat zij een deel daarvan zelf vervaardigd hebben in de periode rond 40 v. Chr. Daarna eindigde hun muntslag.

Hun gebied werd in de Romeinse tijd de Civitas Nerviorum, globaal overeenkomend met het latere bisdom Kamerijk (Cambrai), met Bavay als hoofdplaats.

Lit.:

Scheers, S., Schets van de autonome muntslag in Gallië, Leuven 1986.