Ga naar: navigatie, zoeken

Muntbiljet

muntbiljet, muntpapier of kortweg "muntje", is papiergeld dat door de Staat (Minister van Financiën) wordt uitgegeven als wettig betaalmiddel voor het erop vermelde bedrag ter ondervanging van een tijdelijke schaarste aan gerede munten.

De dekking wordt door de Staat gegarandeerd voor de tegenwaarde aan muntgeld, doch het muntbiljet is pas inwisselbaar na aankondiging. Dit (tijdelijke) hulpmiddel bij de geldcirculatie behoort derhalve tot de categorie staatspapiergeld. In België noemt met het muntbiljet thesauriebiljet.

Muntbiljetten werden in Nederland voor het eerst in 1846 in omloop gebracht (coupures van ƒ 5 tot ƒ 1000 in het kader van de geldsanering van 1842/51. In 1849 volgde een tweede emissie bij de intrekking van de gouden tientjes (tienguldenstuk); beide emissies werden spoedig weer omgewisseld. Maar reeds in 1852 werd wederom een muntbiljet van ƒ 10 ingevoerd dat in diverse uitvoeringen tientallen jaren in omloop bleef tot 1904, toen de Nederlandsche Bank werd gemachtigd een bankbiljet van ƒ 10 in omloop te brengen.

Onder dreiging van de Eerste Wereldoorlog werden in 1914 opnieuw muntbiljetten in circulatie gebracht, nu zilverbons geheten omdat zij in zilver inwisselbaar waren na aankondiging. Deze zilverbons omvatten de coupures van 1, 2½ en 5 gulden en bleven tot ca. 1929 in gebruik. In het begin van de Tweede Wereldoorlog werden weer zilverbons van hetzelfde type (gedateerd 1938) in gebruik genomen.

Tijdens die oorlog liet de regering te Londen in de Verenigde Staten muntbiljetten aanmaken (coupures ƒ 1 tot ƒ 100) die na de bevrijding deels in omloop kwamen (bevrijdingsgeld), maar bij de geldzuivering 1945 al weer werden ingetrokken. Er kwamen toen nieuwe biljetten (ditmaal in Engeland gedrukt en met een portret van koningin Wilhelmina naar rechts i.p.v. naar links) van ƒ1 en ƒ 2½ .

In 1949 werden deze vervangen door biljetten met de afbeelding van koningin Juliana. Deze uitgifte werd in 1967 gestaakt, nadat er voldoende munten waren aangemaakt en de Nederlandsche Bank sinds 1966 een bankbiljet van ƒ5 in omloop had gebracht.

Deze muntbiljetten werden in 1988 uiteindelijk officieel buiten omloop gesteld. Ook in de (voormalige) Nederlandse gebiedsdelen overzee hebben muntbiljetten gecirculeerd.

In Curaçao (ƒ 1 en ƒ 2½, emissies 1942 en 1947), de Nederlandse Antillen (ƒ 2½, emissies 1955 en 1964; ƒ1 en ƒ 2½, 1970), Suriname (zilverbons van ƒ ½ en ƒ 1, emissie 1918; zilverbons van ƒ ½, ƒ 1 en ƒ 2½, emissie 1920; zilverbons van ƒ ½ en ƒ 1, emissie 1940; ƒ 1 en ƒ 2½, emissies 1949 en 1954; muntbiljetten van ƒ 1 en ƒ 2½, diverse emissies 1961-1986).

In Nederlandsch-Indië muntbiljetten van ƒ 1 en ƒ 2½, emissie 1919 (druk American Bank Note Company), ƒ ½, ƒ 1 en ƒ 2½, emissie 1920, ƒ 1 en ƒ 2½, emissie 1939/40 en daarna de in de Verenigde Staten gedrukte muntbiljetten (ƒ 1 - ƒ 500) met het jaartal 1943.

Tijdens de Japanse bezetting gedurende de tweede Wereldoorlog werden door de Japanse regering muntbiljetten van ƒ 0,01 – ƒ 5 uitgegeven (1942) en van ½ - 1000 roepia (1944). In Nederlands Nieuw-Guinea muntbiljetten van ƒ 1 - ƒ 500, emissies 1950 en 1954.

G.

Lit.: Mevius, J., en F.G. Lelivelt, Speciale catalogus van de Nederlandse bankbiljetten van 1814 tot heden. Vriezen veen 1981; idem, Catalogue of paper money of the VOC, Netherlands East Indies and Indonesia from 1782 to 1981, Vriezenveen 1981.


  • Muntbiljet 075 nederland 2 5 gld.jpg
  • Muntbiljet 1000 gld gravenhage.jpg
  • Muntbiljet 100 gld 1846.jpg
  • Muntbiljet 10 gld 1846 nederland.jpg
  • Muntbiljet 1 gouvernementsgulden 1943.jpg
  • Muntbiljet 500 gld 1849.jpg
  • Muntbiljet 500 gld 1849 limburg strafbepaling.jpg
  • Muntbiljet american bank note comp 25 gld 1943.jpg
  • Muntbiljet juliana gulden.jpg
  • Muntbiljet ministerie van fin 5 gld 1944.jpg
  • Muntbiljet nederland 100 gld 1849 niet ingevuld.jpg
  • Muntbiljet nederland 5 gld 1846 ongenummers.jpg
  • Muntbiljet nederlands nieuw guinea 1 gld.jpg
  • Muntbiljet nederlandsch indie 1 gld 1920.jpg
  • Muntbiljet wilhelmina 10 gld 1943.jpg