Ga naar: navigatie, zoeken

Huissen

Huissen, (spr. uit: Huussen), Nederlandse gemeente in de provincie Gelderland, verkreeg in 1384 stadsrechten en was lid van de Hanze. Het gebied van Huissen is pas in 1816 bij Gelderland gevoegd, voordien was het Kleefs bezit.

Door enkele graven en hertogen van Kleef is daar gemunt.

Diederik VI 1202-1260

Otto III 1305-1311

Adolf II 1417-1448 Possiderende vorsten 1609-1624

Georg Wilhelm van 1624-1640

Brandenburg Mechteld van Gelre, dochter van hertog Reinoud II (1295-1343), bezat Huissen als weduwgoed van haar tweede echtgenoot Jan van Kleef (1347-1368). Zij is te Huissen overleden in 1384 en heeft daar munten laten slaan met als omschrift MONETA DE HVVSCIENSIS.

Een reeks te Huissen geslagen munten werd hier te lande vanwege de slechte kwaliteit bij Plakkaat van de Staten Generaal van 25 aug. 1625 verboden. Zie voor de overige muntplaatsen in de Nederlanden de lijst muntplaatsen. In het begin van de Tweede Wereldoorlog werden noodbiljetten (noodgeld) in omloop gebracht, gedateerd 14 mei tot 1 juni 1940.

Zie voor de overige plaatsen in de Nederlanden waar papiergeld is uitgegeven de lijst papiergeldplaatsen.

W.

Lit.: Kerkwijk, A.O. van, De Munt te Huissen in 1626, JMP (1922) 1-40.; Noss, A., Die Münzen der Grafen und Herzoge von Kleve, München 1931.


  • Kleef, hertogdom Possidierende Fürsten, duit, begin 17e eeuw, koper, geslagen te Huissen.
  • Kleef, hertogdom, Otto III (1305 - 1311), denarius of penning, z.j., zilver, geslagen te Huissen (MON-ETA-HUS-ENS).
  • Nederland, plakkaat 1626, papier, tegen het te Huissen geslagen geld.