Ga naar: navigatie, zoeken

Haantjesduit

Singapore, kepeng. 1219 AH = 1804-1805 AD, koper.

haantjesduit, voor de handel met Sumatra en Celebes bestemde particuliere koperen muntsoort, grotendeels geslagen te Birmingham op bestelling van handelaren te Singapore ( Singapore merchant tokens ). De officiële naam was kepeng, zoals in Maleis-Arabisch schrift op de kz staat. Op de vz staat onder de tekst Tanah Malajoe = Land van de Maleiers een haan, die is afgeleid van een soortgelijke munt van 1804, geslagen voor Susu, een havenplaats aan de Sumatraanse westkust in het toenmalige rijk van Atjeh. Het type werd vooral geslagen van 1844 tot 1853 en markeert het einde van een periode die in 1828 begint, waarin o.a. imitaties van kepengs van de East India Company en ¼ stuivers (= duiten) van Nederlandsch-Indië werden geslagen. Toen deze laatste werden verboden ging men op grote schaal een type nabootsen dat door handelaren al sinds 1832 werd uitgegeven.

Het Arabische jaartal 1247 dat op dit type voorkomt, werd ook op de latere uitgaven vastgehouden.

Fouten als 1147 en 1241 komen voor naast onzin als 1411 (1990 A.D.).

Er zijn ongeveer 40 varianten van dit type bekend, waarvan slechts die van de belangrijke koopman te Singapore CR. Read, van de naam van de uitgever is voorzien. Deze en twee andere waren speciaal voor Celebes bestemd, zoals blijkt uit de bloem op de kz. waaromheen een omschrift in het Boeginees is geplaatst en het jaartal 1250.

A.

Lit.:

Pridmore, F., Coins and coinages of the Straits Settlements and British Malaya 1781 to 1951, including tokens issued by the merchants of Singapore 1828-1853, Londen 1968;

Scholten, C, De munten van de Nederlandsche gebiedsdeelen overzee 1601-1948, Amsterdam 1951.