Ga naar: navigatie, zoeken

Bankoctrooi

bankoctrooi,

1. algemene benaming voor een door de overheid verleende vergunning aan een bepaalde instelling om bij uitsluiting van andere instellingen met dezelfde rechtsvorm als circulatiebank werkzaam te zijn. In Nederland werd bij Soeverein Besluit van 25 maart 1814 de Nederlandsche Bank voor de tijd van vijfentwintig jaar "geoctrooijeerd tot de handelingen, aan haar vergund" met uitsluiting van andere "sociëteiten zonder firma" (naamloze vennootschappen). Dit octrooi werd in 1838 voor vijfentwintig jaar verlengd. In 1863 werd deze exclusieve emissiebevoegdheid opgenomen in de Bankwet. De Bankwet 1948 voorzag uiteindelijk in een octrooi voor onbepaalde tijd.

In België werd de Nationale Bank van België opgericht bij Wet van 5 mei 1850, die haar tevens emissiebevoegdheid gaf. Dit octrooi werd laatstelijk verlengd tot 1988 bij Wet van 19 juni 1959.

In Luxemburg kent men geen circulatiebank, zodat daar van een exclusief emissierecht geen sprake is;

2. in engere zin de benaming voor de akte waarin de emissievergunning is vastgelegd, het Charter van de Bank, die men als voorloper van de Bankwet kan beschouwen.

G.